De allereerste tandcontrole is een belangrijke stap in de verzorging van je paard. Zo kunnen kleine gebitsproblemen tijdig opgespoord en behandeld worden. Een vroege controle legt de basis voor een gezond gebit en voorkomt ongemak later.
In de eerste levensweken verschijnen de eerste melksnijtanden. Tussen ongeveer 6 en 9 maanden komen ook de melkkiezen door. Rond de leeftijd van 1 jaar heeft een veulen zowel de melksnijtanden als de melkkiezen volledig aanwezig.
Vanaf ongeveer 2,5 tot 3 jaar start de eerste grote wisselperiode. De eerste melktanden worden vervangen door blijvende tanden. Op dat moment komt ook de 4e kies door, die geen melkvoorloper heeft.
Tussen 3 en 4,5 jaar volgen de verdere wissels. Zowel snijtanden als kiezen worden geleidelijk vervangen. In deze periode komen ook de 5e en 6e kies door. Rond 5 jaar heeft het paard in de meeste gevallen een volledig volwassen gebit.
De haaktanden (canini) verschijnen meestal tussen 5 en 7 jaar. Ze komen vooral voor bij hengsten en sommige merries en hebben geen melkvoorloper.
Belangrijk om te weten is dat dit proces niet bij elk paard exact hetzelfde verloopt. Sommige tanden wisselen vroeger of later en meerdere tanden kunnen tegelijk in verandering zijn.
Wisselschema van het paard
| Leeftijd | Gebitsverandering |
|---|---|
| 0 – 2 weken | Eerste melksnijtanden komen door |
| 6 – 9 maanden | Melkkiezen (premolaren) verschijnen |
| 1 jaar | Alle melksnijtanden en -kiezen aanwezig – 4e kies komt uit |
| 2 – 2,5 jaar | 5e kies komt uit – 1e melksnijtand (binnenste) wisselt en 1e melkkies wisselt |
| 3 – 3,5 jaar | 2e melkkies wisselt – 2e melksnijtand (middenste) wisselt en 6e kies komt uit |
| 4 – 4,5 jaar | 3e melkkies wisselt – 3e melksnijtand (buitenste) wisselt |
| 5 jaar | Volledig volwassen gebit (meestal) |
| 5 – 7 jaar | Haaktand (in hengsten en sommige merries) komt meestal door rond deze leeftijd |
Controle tijdens de wisselperiode
De wisselperiode kan gepaard gaan met ongemak. Denk aan moeilijker eten, proppen maken of morsen van voer.
Daarom is het aangeraden om jonge paarden regelmatig te laten controleren, zeker rond 2,5 jaar, 3,5 jaar en 4,5 jaar. Bij paarden in training kan zelfs een controle om de 6 maanden aangewezen zijn om problemen tijdig op te sporen.
